Over

Over Ons

De Diergeneeskunde Vandaag

De diergeneeskunde evolueert voortdurend! Willen we onze patiënten de best mogelijke zorgen kunnen bieden, is het dan ook belangrijk om onszelf voortdurend bij te scholen. Maar in onze drukke levens is er niet steeds de tijd om de boeken in te duiken of een bijscholing bij te wonen. Online bijscholingen bieden een praktische oplossing. Maar ook al is het aanbod groot, soms is het moeilijk om net de training te vinden waarnaar je op zoek bent of om Nederlandstalige cursussen te vinden.

De best mogelijke zorgen voor je patiënt

Wij willen je graag helpen om de best mogelijk zorgen voor je patiënt aan te bieden, en dit vanuit het comfort van je thuis. Blijf up to date met één van onze online cursussen of podcasts. Voel je zekerder dan ooit met onze praktische protocollen en stappenplannen en vind een antwoord op al je vragen in onze vraag & antwoord kennis database. Vind je het antwoord op je vraag niet terug? Geen probleem, stel ons de vraag en wij beantwoorden ze graag voor je!

Voorbeelden van enkele vragen uit
de Vraag&Antwoord kennis database

Beide testen meten dezelfde parameter, namelijk het pancreasspecifieke lipase, maar de testen hebben een verschillende cut off waarde, waarboven de test POSITIEF wordt beschouwd. De SNAP PL heeft een lagere cut off waarde (200 µg/l) bedraagt, waardoor hij een hogere gevoeligheid heeft voor acute pancreatitis (82%), zodat vals-negatieve resultaten zeldzaam zijn. Het is dus een goede screeningstest.  De specificiteit van de SNAP PL voor acute pancreatitis is echter laag (59%), wat betekent dat deze test veel vals-positieve resultaten oplevert. Daarom is het belangrijk een positieve SNAP PL telkens te bevestigen met een Spec PLI-test in een extern laboratorium. De Spec PLI-test heeft een hogere cut off waarde (400 µg/l). Dit verhoogt de specificiteit van de test (77-100%), zodat vals-positieven minder vaak voorkomen, maar de gevoeligheid daalt. LET OP: De gevoeligheid van beide testen is lager bij CHRONISCHE pancreatitis. Een negatieve test sluit chronische pancreatitis dus niet uit.

Er zijn een aantal studies bij honden en 1 studie bij katten die aantonen dat orale vitamine B12 supplementatie succesvol was bij dieren met chronische enteropathie. De dosis is dagelijks 50 microgram/kg (hond) of 250 microgram per kat gedurende 12 weken en het serum vitamine B12-gehalte te bepalen 1 week na de laatste tablet.

De Rivalta`s test kan worden uitgevoerd op effusievocht en is een nuttige test om FIP uit te sluiten. Als deze test negatief is, is het onwaarschijnlijk dat de kat FIP heeft. Een positieve test kan echter ook bij andere ziekten voorkomen. Daarom wordt verder onderzoek (RT-PCR voor coronavirus op het effusievocht, eventueel in combinatie met RT-PCR op fijne naaldaspiraten van mestenteriale lymfeknopen, lever, milt) aanbevolen.

Seroprevalentiestudies tonen aan dat A. Phagocytophilum heel prevalent is in Centraal Europa en dat bijna de helft van de geteste honden seropositief is. Het merendeel van de honden zal echter NIET ziek worden. Indien de hond toch klinische klachten vertoont die compatibel kunnen zijn met A. Phagocytophilum zoals lethargie, koorts, manken, thrombocytopenie is het aangeraden om de infectie te bevestigen door middel van een bloeduitstrijkje en/of een PCR test. Enkel honden waarbij het bloeduistrijkje en/of de PCR test positief is EN die klachten vertonen die compatibel zijn met de infectie dienen behandeld te worden

Online Vet Training

Online Vet Training werd gestart door Geert Paes, DVM, Europees specialist inwendige geneeskunde van de gezelschapsdieren (ECVIM-ca) met een duidelijk doel om dierenartsen te helpen!  Bijscholen en up to date blijven was nog nooit zo eenvoudig als met het OVT leerplatform! Terwijl de OVT community dierenartsen met elkaar in contact brengt en stimuleert om met en van elkaar te leren. Want samen kunnen we zoveel meer!